Heen- en Weerwolf

Lieve Mosje,

Oh, pontjes, pontjes. Bijna elke dag ontmoet ik er wel een, en als ik er een ontmoet, ontmoet ik ook zeker een tweede. De ontmoeting met een pont is altijd even.

Mijn eerste ervaring met een pontje was via Pluk van de Petteflet. Dat boek was voor mij als een sprookje in de werkelijkheid. Er was een hoofdstukje dat me bijzonder raakte, niet in de laatste plaats vanwege de tekeningen. Die hadden iets duisters. Iets moerassigs. Ik kon het water bijna ruiken. Temidden van de groene grauwheid een dier. Met een oliejas aan. En een Zuidwester op. Zijn ruige snuit stak van onder de kap uit naar voren. In die tekening en in het fantastische gesprek tussen de juichende wolf, (want eindelijk had hij een passagier,) en Pluk, misschien werd daar wel mijn liefde voor scheepjes geboren.

“Luister…..” zei de wolf. “Laten we tien keer heen en weer gaan. Dat is leuk. Hè?” De wolf roeide verder door de mist. “In tien jaar!” riep hij nog eens. “Jij bent de eerste in tien jaar!” “Ik heb het idee dat het komt door dat houten bordje,” zei Pluk. “Op dat bordje staat:

HEEN- EN WEERWOLF

En de mensen denken nu dat je een ‘weerwolf’ bent. En een weerwolf is veel erger dan een gewone wolf.” “O ja?” zei de wolf. “Ik dacht dat het kwam door de kool en de geit.”

Pas later begreep ik de grapjes in de tekst. Als kind trof me de euforie van de wolf, die zijn alleenzaamheid onthulde. Die met vreugde aangeklede pijn greep me aan. De wolf mocht niet meedoen.

Volgende keer heb ik het over paadjes. Dat zijn pontjes over aarde.

Je Anne

 

volgende
vorige
Anne Tjula

Over Anne Tjula

Anne Tjula is in een briefwisseling met MOSje.iS. Die wisseling is spannend, onderhoudend, met een knipoog, serieus, en soms ironisch. En geschreven om De Brief in ere te houden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.